De Notelaer is een prachtig paviljoen dat hertog Wolfgang-Guillaume d’Ursel en zijn echtgenote Flore d’Arenberg tussen 1792 en 1797 lieten bouwen op de rechteroever van de Schelde in Hingene. Het is ondertussen een bekende en geliefde ontmoetingsplek voor wandelaars en fietsers, misschien zelfs een stukje collectief geheugen sinds de televisiereeks Stille Waters. Het prachtige uitzicht, waarin landschap, architectuur en interieur organisch in elkaar vloeien, is een omvangrijk onderzoeksobject voor het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE). De onderzoeksresultaten van dit multidisciplinair erfgoedonderzoek verschijnen 15 september in de publicatie ‘Een belvedère aan de Schelde. Het paviljoen De Notelaer in Hingene (1792-1797)’.
Dankzij het multidisciplinair erfgoedonderzoek dat het VIOE de voorbije jaren voerde, is het mogelijk om het verhaal over het ontstaan en de evolutie van De Notelaer en zijn landschap tot in de kleinste details na te vertellen. Zeventien auteurs schreven bijdragen, waarin zowel geschiedenis, landschap, architectuur en interieur bestudeerd werden.
Niemand kon echter vermoeden dat deze neoclassicistische belvedère zo’n schat aan informatie zou opleveren, die ook van internationaal belang is. Naast hertogelijke ontvangstruimte, waarin het salon een grote rol speelde, deed het bovendien dienst als woning voor de veerman en herberg. Het paviljoen was een kunstenaarstrefpunt, waarin een aantal uitzonderlijke figuren een belangrijke rol speelden tot op heden. Zo werd het ontworpen door de Franse hofarchitect Charles De Wailly (1730-1798), op een plaats waar al anderhalve eeuw een veer stond. Hij introduceerde nieuwe architecturale benaderingen in de Zuidelijke Nederlanden en het boek biedt een nooit eerder gepubliceerd overzicht van De Wailly’s projecten op het grondgebied van het huidige België . Het uitgebreid archiefonderzoek geeft bovendien een duidelijk beeld hoe de omgeving van De Notelaer er uitzag en hoe die evolueerde tot vandaag. Architectuur en interieur zijn bovendien van een uitzonderlijke kwaliteit. De toeschrijving van de koepelschildering in het salon aan de uitmuntende kunstschilder Antoine Plateau (1759-1815) en die van de bas-reliëfs in stucwerk aan de Brusselse beeldhouwer François-Joseph Janssens (1744-1816) kon eindelijk bevestigd worden door archiefonderzoek.
Dit onderzoek is de eerste fase van het integrale restauratieproject van De Notelaer.