In de sociale woonwijk Klein Rusland in Zelzate wonen honderden gezinnen. Aan de hand van 4 woningen wordt onderzocht hoe de doelstellingen van sociale huisvesting en duurzaamheid afgestemd kunnen worden op elkaar zonder afbreuk te doen aan de erfgoedwaarde van de wijk.
De modernistische tuinwijk Klein Rusland (1921-1928) ontstond uit een nauwe samenwerking tussen architect Huib Hoste en urbanist Louis Van der Swaelmen. Zij zagen Klein Rusland als een eerste fase van een industriële lijnstad langs het kanaal Gent-Terneuzen en parallel met de industriezone te Zelzate.
Om economische redenen werden slechts 168 woningen, een watertoren met pompstation (nu afgebroken) en een vrijgezellentehuis gebouwd. Er werden 2 types woningen gebouwd afhankelijk van het gebruikte bouwmateriaal: baksteen of asbeton. Door het gebruik van houten luiken, blokramen met asymmetrische kleinhouten, houten luifels en dakoversteken in het ontwerp van zowel de bakstenen als de asbetonnen woningen, creëerde Hoste toch een eenheidsstijl in zijn architectuur. Ook het kleurgebruik had een unificerende werking. Niet alleen het asbeton, maar ook alle houten elementen werden voorzien van kleuren.
Klein Rusland was de eerste tuinwijk in België waar men experimenteerde met nieuwe bouwmaterialen en -methodes. Voor de asbetonnen woningen werd het NONPLUS-systeem toegepast. Vandaag zijn het voornamelijk deze woningen, die bouwfysische en bouwtechnische problemen kennen. In de jaren 1950 werden alle woningen voorzien van een bakstenen schil. Ondertussen werden ook niet-systematische ingrepen doorgevoerd: de ramen en deuren werden geleidelijk aan vervangen, de houten luifels, luiken en dakoversteken verwijderd. Hierdoor veranderde de eens zo kleurrijke wijk in een monotoon bakstenen geheel waarvan men algauw de erfgoedwaarde niet meer inzag. De woonomstandigheden voldoen bovendien niet meer aan de huidige normen met betrekking tot het programma voor sociale woningen: de grootte, thermisch comfort, wooncomfort.
In 2009 werden vier asbetonnen woningen beschermd als monument. Deze woningen zullen we als testcase gebruiken om na te gaan hoe men de doelstellingen van sociale huisvesting en duurzaamheid kan verzoenen met deze van onroerend erfgoed. In 2012 wordt gestart met het historisch, materiaaltechnisch, bouwtechnisch en bouwfysisch onderzoek en het onderzoek naar mogelijke restauratietechnieken. In de uitvoeringsfase zullen verschillende technieken uitgetest worden om zo tot de meest (technisch en economisch) gepaste oplossing te komen voor de hele wijk en in navolging hiervan ook voor andere sociale woonprojecten.
Dit onderzoeksproject verloopt in samenwerking met de VMSW en de cvba Wonen. Voor de uitvoering van de testcase laten we ons bijstaan door wetenschappelijke partners.